


|
|
onderdelen
|
|

|


|
|
zoeken
|
|

|


|
|
winkel
|
|

|


|
|
sponsors
|
|

|


|
|
wie is online?
|
|

 | We hebben 42 gasten en 1 lid online.
Je bent een anonieme bezoeker. Klik hier om in te loggen of gratis te registreren. |
|


|
|
|
Successen in de kraamkamer van het Nederlandse roeien
geplaatst door michiel op donderdag 11 juni 2009 - 15:37
|
|
|
In de ideale wereld worden in Nederland louter supergetalenteerde roeiers geboren die allemaal doorstomen naar het seniorenroeien en op de Olympische Spelen de rest van de roeinaties te kijk zetten. Helaas is het merendeel van de junioren in Nederland sterfelijk en dient er hard getraind te worden om die successen te bereiken. Ook blijven sommige godenzonen lang buiten de kijker omdat er, anders dan in het voetbal, niet gescout wordt. En wordt die boomlange veertienjarige dan gespot in de Kalverstraat, dan nog is goede begeleiding essentieel. Diederik de Boorder, bondscoach junioren samen met ambtgenoot Rob Robbers, is mede om die redenen al 2,5 jaar bezig om het juniorenprogramma goed op de rails te krijgen. De vruchten daarvan worden langzaam duidelijk. "Het is fijn om ouders eindelijk de mogelijkheid te bieden hun vakantie wat eerder te plannen."
Het juniorenroeien is in Nederland een beetje een ondergeschoven kindje. Pas als de roeiers en roeisters na hun carrière op de middelbare school besluiten door te stromen naar een studentenroeivereniging en daar een poging doen de nationale top te bereiken, dan pas besteed de media er aandacht aan. Ook NLroei wil de kraamkamer van het Nederlandse roeisucces nog wel eens uit het oog verliezen. De verschillen in het juniorenroeien zijn nou eenmaal vaak groot, met soms tientallen seconden tussen de nummer één en nummer laatst in een finale. En dan die velden. Na meer dan zeven voorwedstrijden J18 1x is de kans aanwezig dat een goede prestatie ondergesneeuwd raakt.
"Het funeste van junioren is dat ze met die hele puberteit erg wisselvallig presteren", zegt de Boorder. "De ene keer presteer je goed, de andere keer niet. Wij vinden dat als bondscoaches niet erg, daarom hebben we ook talloze meetmomenten ingesteld waarbij het de roeier of roeister vrijstaat om wel of niet iets te laten zien. Als je dan een keer een slechte dag hebt, dan is dat geen probleem." En ja, de ene jongen van zestien is nou eenmaal 1 meter 85 en weegt 80 kilo, de ander bereikt dat soort getallen pas op zijn twintigste of later.
Ondanks al die wisselvalligheid en verschillen zijn de junioren toch belangrijk voor de Nederlandse roeisuccessen van de toekomst. De Boorder: "Volgens mij bestaat 80 % van de huidige senioren-B équipe op dit moment uit voormalige junioren." Reden genoeg dus om na 2,5 jaar arbeid de zaken nog verder te professionaliseren. De Boorder en Robbers hebben zich ten doel gesteld om de boel echt goed draaiende te hebben in 2012. "Het gaat nu gewoon goed hoor, maar het moet altijd beter. We zijn nu bezig met districtcentra, met het verbeteren van de coaching op de verenigingen, maar in de toekomst moeten we ons ook bezig gaan houden met scouting van roeiers. We hebben in vergelijking met andere roeilanden zo ontzettend weinig roeiers."
De Boorder kan het weten. Hij was voorheen ook werkzaam in Indonesië en later ook in Henan, een van de grootste Chinese provincies. Daar zag hij de mogelijkheden die grote hoeveelheden roeiers met zich meebrengen. "Ook Josy [Verdonkschot, de huidige bondscoach van het vrouwenroeien in Italië, red.] heeft dat gemerkt. Hier in Nederland krijg je, bij wijze van spreken, 80 twee-kilometer ergometeruitslagen toegestuurd, in dat soort landen 800. Kwantiteit is dus een belangrijk punt op onze lijst." Een ander wezenlijk onderdeel op het verlanglijstje van de Boorder en Robbers is een verbetering in de resultaten. De eerste stappen voor succes op de Coupe en het Junioren-WK dit jaar werden eerder dit jaar in Gent en München gezet. De Nederlandse roeiers en roeisters presteerden daar opvallend goed en bleven relatief ongenaakbaar geachte roeinaties als Duitsland bij.
Kwantiteit en kwaliteit dus. Vanuit hun bemarmerde zetels proberen de Boorder en Robbers ook technisch de roeiers meer te leren. "Op dit moment is het echt labberdekak", zegt de Boorder. "Na al die examens zitten de meeste jongens en meiden met hoofden vol met Pythagoras en dan vergeten ze de roeihaal." De gekscherende opmerking heeft echter een diepere betekenis. Is het namelijk niet zo dat betere gestructureerde districtcentra ook kwalitatief goede coaches nodig hebben? Mensen die niet hun negen-tot-vijf baan moeten combineren met het op vrijwillige basis begeleiden van junioren? "Natuurlijk", beaamt de Boorder. "Zonder goede coaching krijg je die talenten ook nooit aan de top. In eerste instantie moeten de coaches op een vereniging echter ook weten dat we niet hun roeiers proberen 'af te pakken'. Het komt helaas nog al te vaak voor dat amateur-coaches ontmoedigd worden doordat ze hun roeiers niet ook aan de top kunnen begeleiden. Dat ze een hele hoop werk verrichten en dan het resultaat van hun noeste arbeid zien wegvliegen naar de Bosbaan." De Boorder is ervan overtuigd dat een heleboel verbeterd kan worden door duidelijkheid en bereikbaarheid. "Weet je wat het leuke is?" zegt hij plotseling, middenin in zijn verhaal. "Over de huidige selectie heb ik geen en-kel gezeik gehad. Nul komma nul."
De groep met roeiers en roeisters die gepubliceerd is op knrb.nl kent ook nauwelijks vreemde namen. Het zijn stuk voor stuk individuen die zich vanaf de Tromp Boatraces hebben bewezen in kleine, maar ook grote nummers. Na de NSRF kan de groep nog uitgebreid worden, maar de junioren die nu al genoemd worden zijn zeker van uitzending, alleen het nummer moet nog nader bepaald worden. Selecteren lijkt soms zo ontzettend makkelijk.
Succes op een Coupe of Junioren-WK is echter de eerste stap op weg naar eeuwige roem. Olympisch goud, de heilige graal voor iedere roeier, vergt een aantal extra stappen. De keuze voor een goede studentenroeivereniging, bijvoorbeeld. De Boorder, erelid van Skøll, blijft in dat soort adviespraktijken onpartijdig. "Het leeuwendeel van de jongens is er nog steeds van overtuigd dat Nereus de enige vereniging is om te presteren. Je kan jezelf daar natuurlijk prima ontwikkelen, maar het is geen keiharde wet. Ook in Groningen, Utrecht, Delft en Eindhoven kan je als junior prima aan de top komen." De bondscoach sluit af met wijs advies voor de toekomstige ex-junioren: "Bijna geen enkele junior slaagt gelijk in zijn eerste seniorenjaar. Op kamers wonen kost energie, je eigen prakkie halen bij de Albert Heijn ook. Start gewoon N1x en ga het jaar daarop eens nadenken over de selecties." Nu weet u het dus: in de N1x varen de talenten van de toekomst.
|
|
| | |
|
|
|
"Successen in de kraamkamer van het Nederlandse roeien" | Inloggen/Aanmaken van een account | 2 reacties |
|
| | De redactie neemt geen verantwoordelijkheid voor de inhoud van onderstaande reacties. Hou de reacties graag netjes, en bij discussies niet anoniem. |
Re: Successen in de kraamkamer van het Nederlandse roeien
(Score: 1)
door PaulP op donderdag 11 juni 2009 - 21:31
|
|
Michiel, erg goed stukje. Mooi dat er eens wat extra aandacht is voor het junioren roeien. Bovendien ook bedankt voor je geniale verslaggeving op de ARB. Ik heb echt met een grote grijns op mijn gezicht in de boot gezeten!
|
Re: Successen in de kraamkamer van het Nederlandse roeien
(Score: 1)
door Ton_Bos op vrijdag 12 juni 2009 - 22:51
|
|
Een doorsnee verenigingscoach in Nederland staat juist te juichen wanneer een van zijn/haar pupillen doorstroomt naar een nationale ploeg en ligt uiteraard niet dwars. Dat geldt ook voor coaches op de studentenverenigingen overigens. Die coaches hebben ook niet allemaal internationale ambities. Wel proberen ze op lokaal niveau aan talentontwikkeling te doen. Sommige sporters hebben wat meer tijd nodig om tot rijping te komen, en die vallen uit als alle in het oog vallende talenten "wegvliegen naar de Bosbaan". Zoals in het artikel opgemerkt, hebben we in ons land weinig roeiers - des te meer reden om ervoor te zorgen dat we niemand over het hoofd zien. Dat gebeurt op de verenigingen, de echte kraamkamers van het Nederlandse roeien.
|
| |

|
|
aanmelden
|
|
|
|


|
|
gerelateerde links
|
|
|
|

|
|
|
|
|

| © 1996-2012 Stichting NLroei - Luciastraat 10, 7555 VW Hengelo - tel. 074-2503534 - fax. 074-2452055 - info@nlroei.nl |
|
|